|
Secretariaat: Stichting Veldwerk Postbus 163 1850 AD Heiloo The Netherlands |
![]() |
Tel: klik hier veldwerk@wlink.com.np Gironummer: 8289522 Tav. Stichting Veldwerk, p/a Egmond Binnen Bank: ABN-Amro 543703266 |
Zoal u wellicht nog weet, was ik lange tijd in de vroege ochtenduren bij de tehuizen van Moeder Theresa aan het werk. En met mij vele vrijwilligers van Stichting Veldwerk die daar een redelijk goede herinenring aan over hielden. Maar al deze vrijwilliges waren ook getuige van de ruwe manier van werken van het aanwezige personeel en de religiueze zusters. Deze Sisters of Charity zijn erg gebrand op de schoonheid en hygiene van het huis, maar het welzijn van hun bewoners steekt niet zo nauw. De gehandicapte bewoners en dementerenden mogen blij zijn dat ze van de straat zijn en een dak boven hun hoofd hadden, is hun moraal.
Onze aanwezigheid in deze huizen was een aangename verlichting in het werk van de nonnen en wat wij probeerden was langzaam een bete rbesef van persoonlijkie hyigien door te voeren. De kinderen hebben allemaal een ziekte onder de leden, maar hun gezichtjes werden allemaal afgeveegd met een het zelfde doekje, zonder dit tussen door uit te spoelen. En maar medicijnen voeren. Dit soort toestanden probeerden wij uit te leggen wat het effect is van dit handelen en kwamen met een practisch alternatief voor de werkers.
De eerste regel bij binnenkomst in het kinderhuis van Mother Theresa is dat de kinderen niet van de vloer mogen worden opgetild. Want zo zegt de hoofdzuster, anders vragen de kinderen de hele dag aandacht, ook als de vrijwilligers er niet zijn. En daar hebben de Sisters geen tijd voor, want er moet ook nog gebeden worden en schoongemaakt. Allemaal Jufrouw Mieren, tutte de tut, schoonmaken, schoon maken. Het hele huis glimt en ruikt naar Lysol en Dettol.
In deAshram voor dementerden bejaarden, vlak bij de lijkenverbranding tempel Pashupatinath, worden de oudere bewoners links en rechts op hun wangen gemept als ze niet op tijd met deze liefhebbende en godsvruchtige sisters meewerken. De zuster zegt, na een kleine opmerking hierover, `ze doen het gewoon express, om mij te treiteren, want deze oudjes denken dat wij hier goed voor betaalt worden. Dat zullen we ze wel afleren`.
In het huis voor zwaar verstandelijk en gehandicapte jongeren en ouderen, wonen een paar lieve mensen die daar absoluut niet thuis horen. Maar helaas is er weinig keus en zitten zij daar dus wel, de hele dag, verveeld voor zich uit te kijken.
Een uurtje later hangt Shenti schuimbekkend met zijn hoofdje om het hoekje van deur, hij wil inmiddels wel weer van de pot af. De verzorgster komt na mijn melding in deze eraan, pakt zijn arm beet, sleurt hem buiten de toiletruimte, sjort zonder hem te wassen, zijn broek omhoog en scheurt hem weer over de ruige vloer naar buiten terug op zijn plek. Nahijgend van dit barre avontuur zit Shenti bij te komen van even een poepje doen, zijn knieen zijn open en bloeden inmiddels. Love until it hurt staat daar op de muur.
Verbijstert na het zien van dit gebeuren zeg ik tegen de verzorgster in kwestie,
Een aantal van onze vrijwilligers hadden in het algemeen moeitje met de onrespectvolle bejegening van de Sister of Charity naar hun bewoners.
De hoofdzuster van de Sisters of Charity in Chabil, Kathmandu, was niet aanspreekbaar op deze gang van zaken.
Sinds dat laatste gesprek met de hoofdzuster zitten alle in-continente en hulp behoevende gehandicapten op een po stoel buiten op de gang, met hun broek of rok op hun knieen van s´morgen 8 uur, direct uit bed tot na het eten om 12.00. Hun eten wordt ze dus op de Po stoel in hun mond geprakt.
Erg jammer dat onze bijdrage daar is gestaakt, maar het is niet anders.
Nepalese kinderhuizen in Kathmandu, big business.
Ik kwam onlangs een Duits echtpaar tegen die hier in Nepal waren om hun adoptie kindje op te halen. Maar zo stelde zij, er is iets mis in de communicatie. Later bleek dat het kind dat hun met naam en foto was toegezegd, niet meer beschikbaar was. Dat vermoedden hadden zij al, maar dat bleek nu dus waar. Zij waren hier uiteraard zeer gefrustreerd over.
De kinderhuizen in Kathmandu nemen nu heel bewust goed uitziende kindertjes aan, voor verkoop. Onze kleine Samjana bijvoorbeeld kwam niet in aanmerking bij Bal Mandir, het officiële staatskinderhuis, want zij miste één oog en kon niet voor adoptie aangeboden worden. Big bussines dus. Hier nog twee schrijnende gevallen die dit verhaal bevestigen.
Naïef roep ik uit, “Wat een geluk dat dit kind naar Spanje kon en daar nu studeert!”.
De moeder barst in huilen uit en ik vraag me af waar ik iets verkeerd heb gezegd. Nadat zij wat tot bedaren was gekomen, bleek dat het betreffende kinderhuis haar kinderen voor adoptie heeft aangeboden, zonder dat zij hier iets van af wist. Zij is haar twee kinderen nu kwijt en zal ze waarschijnlijk nooit meer terug zien. Een voor mij hartverscheurend verhaal en ik besloot ter plekke om haar overgebleven twee kinderen wél te steunen in hun studie.
De kinderen en bewoners vonden het geweldig dat wij er waren. Zij kregen automatisch meer persoonlijke aandacht en het eten werd ze door ons liefdevol gegeven.
De aanwezige medwerkers en de Sisters of Charity hadden daar wat minder tijd voor en propten het eten met grote snelheid in de monden van hun bewoners.
Een gehandicapte bewoonster voelde zich op een dag niet goed en moest tijdens het eten overgeven. In plaats van haar hierin wat bij te staan, was slaag de reactie, want er werd kostbaar eten verspild. En het eten werd nogmaals doorgepropt.
Maar als een kind op het potje heeft gezeten, worden diens billetjes niet schoongemaakt na de grote of de kleine boodschap. En tijdens het wekelijkse wasuurtje, blijven de broekjes aan, maar het huis wordt geboend, wel 3x keer op een dag. De kasten in hun kinderhuis liggen vol met nieuw speelgoed, glimmend maar achter het glas. Om 10.00 komt een een plastic box met oude gebroken speeltjes te voorschijn, die wordt tussen het hoopje van 20 kinderen gegooid en daar moeten zij het dan mee doen.
Een jongetje, Shenti, is zwaar spastisch en kan niet spreken. Uit zijn mimiek kun je opmaken dat hij iets moet en na een poosje over en weer communicerem, wordt duidelijk wat hij wil. Hij kan niet zelfstandig lopen, maar wel met wat hulp als je hem onder zijn schouders en middel onderstent. Het duurt even langer allemaal maar het kan en hij wil graag zelf lopen.
Shenti moet naar de wc blijkt, de verzorgster komt aan, pakt hem bij zijn arm en sleurt hem als een zak vuil over de ruige betonnen vloer, over de trap naar het toilet, alwaar ze hem op het Franse wc potje dropt.
Nou, t´ hurt zeker, maar weinig love in dit geval.
Als ik dit nog een keer zie, schop ik jouw benen eronderuit, en sleep ik jou even door het gebouw naar de pot. Dan weet hoe je dat voelt.
Ha ha ha, was haar reactie met een zuinig gezicht.
En zeker ook omdat als het schrobben van het gebouw klaar was, er vlot daarna weer een emmer water door de lucht vloogt, nog maar een keer schrobben. De bewoners reddden zich wel, niet teveel verwennen. Een rubber water trekker moch niet worden gebruikt, het moest perse met het half versleten borsteltje van Riet en Bamboe, zelfkastijding heet dat.
Het was niet waar zo stelde zij, ook niet nadat ik nogmaals vermelde dat ik het zelf had gezien en van dichtbij had meegemaakt.
Nog nooit had er een iemand hun bekritiseerd, en nu kwam ik haar dit vertellen. Neem al je al je vrijwilligers mee, en komt nooit meer terug was haar directe en woeste antwoort.
Achter haar op de muur stond levens groot geverfd, Love Until It Hurt. Een goed bedoelde slogan van de oprichtster Moeder Theresa in Calcutta, maar ik denk dat zij boven Nepal af en toe haar ogen even sluit.
Om hen heen honderden vliegen, die van alles mee-eten én meebrengen. Uit de pot, hun bord, hun mond en hun ogen. Na het eten gaan zij direct terug na hun bed, voor hun middagslaapje. Hun billen rood paars van hun lange zit op deze ongemakkelijke houten stoel. Van de regen in een vieze drup.
Zeker gezien ook in het licht dat zij in Duitsland aan een tussenpersoon al 5.600 Euro hadden aanbetaald en bij afname van het kind nogmaald 6.800 Dollar zouden betalen. Dat eerste bedrag zijn uiteraard kwijt en dat zagen zij als leergeld. Oei, daar had je toch een hoop van kunnen doen, nog los van alle onkosten van de reis, visa´s, verblijf en het onzekere gevoel wat dit allemaal met zich meebrengt.
Afgelopen voorjaar werd ik via het hoofd van de lagere school van onze kinderen benaderd om 2 kinderen van een arme en alleenstaande vrouw te sponseren.
Nu is ongeveer heel Nepal arm, dus het einde is zoek in mijn beleving en ik moet ergens grenzen trekken. Dus ik weigerde hierin mee te gaan.
Maar het werd nogmaals gevraagd en op een geven moment staat deze moeder met haar kinderen bij ons in de tuin van het kinderhuis. Wederom wordt mij de vraag gesteld en ik besluit wat dieper op haar probleem in te gaan. Haar man is overleden en zij heeft 4 kinderen. Op mijn vraag waar die andere twee kinderen dan zijn, legt ze uit dat er een in een kinderhuis is opgenomen en dat het andere kindje in Spanje woont.
Na mijn terugkeer dit najaar in Nepal, stond dit artikel in de krant´
Zoals u ziet, heeft niet alle begeleiding van de kinderhuizen in Nepal de juiste intensie. Niet de zorg voor het kind, maar het vullen van hun eigen zakken heeft de prioriteit.
De verhalen hierboven lichten een klein tipje van de sluier waar het mis kan gaan in de kinder- en verzorgingshuizen in Nepal.
Mensen die het plan opvatten om een kinderhuis of een initatief in die richting te steunen, doen er goed aan zich vooraf terdege te laten informeren. Ook sommige Nepalese organisaties die vrijwilligers werven en hier aan het werk helpen, doen mee aan dit soort praktijken.
Weet waar je aan begint en wat of wie je steunt is de moraal van dit verhaal.